Bijgewerkt: 16 juli 2019

Het verhaal van Johan van Oldenbarnevelt

Nieuws -> Informatief

Bron: Wikipedia/Amstelveenweb
13-05-2019

Johan van Oldenbarnevelt (Amersfoort, 14 september 1547 – Den Haag, 13 mei 1619) is 400 jaar geleden onthoofd. Hij was raadpensionaris (landsadvocaat; rechtskundig adviseur) van de Staten van Holland tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648). Hij werkte lange tijd samen met Maurits van Oranje (de zoon van Willem van Oranje), maar werd door zijn eigenzinnig optreden het slachtoffer van een door Maurits beheerst politiek proces en daaropvolgende executie.

Van Oldenbarnevelts vader, Gerrit van Oudenbarnevelt (Gerretgen Sleght), (1516-1589), was koopman en sekwester. Hij stond niet zo goed bekend; hij dronk en werd verschillende keren voor het gerecht gedaagd. De familie was niet van adellijke afkomst. In 1570 werd Van Oldenbarnevelt advocaat bij het Hof van Holland. In 1572 sloot hij zich aan bij Willem van Oranje in Delft. De samenwerking tussen Van Oldenbarnevelt en de 20 jaar jongere Maurits liep aanvankelijk prima. Zij vulden elkaar wat betreft karakter goed aan. Maurits was een voorzichtig en geduldig persoon, die gewend was iedere stap zorgvuldig uit te voeren en te evalueren, voor de volgende stap te ondernemen. Van Oldenbarnevelt was meer strategisch en was eerder gewend om twee stappen vooruit te denken en desnoods risico’s te nemen.

Foto Amstelveen
(Bron Wikipedia - 2019)

Johan van Oldenbarnevelt (1547-1619) olieverf op paneel 62,5 x 48,7 cm ongeveer in 1616 geschilderd door Michiel Jansz. van Mierevelt (1566 - 1641). Hij was een van de meest vooraanstaande portretschilders in de 17de eeuw


Onder de politieke leiding van Van Oldenbarnevelt en de militaire leiding van Maurits ging het de jonge Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden voor de wind. Na de moord op Willem van Oranje had de toekomst er aanvankelijk slecht uitgezien voor de Republiek; het leek toen slechts een kwestie van tijd voordat de Spanjaarden de opstand definitief zouden neerslaan. In de periode 1588-1598 werden echter grote overwinningen behaald op de Spanjaarden. De uitputting van de Spaanse financiën na 1588 door de rampzalige expeditie tegen Engeland met de Armada, werkte ook in het voordeel van de jonge Republiek. Johan van Oldenbarnevelt sloot in oktober 1596 het Drievoudig Verbond met Engeland en Frankrijk tegen Spanje. Engeland en Frankrijk erkenden daarmee de onafhankelijkheid van de Republiek. Ook initieerde Van Oldenbarnevelt de oprichting van de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) in (1602). Dit droeg bij aan de groei van de Republiek tot een wereldmacht.

In 1600 ontstond echter de eerste strubbeling tussen Van Oldenbarnevelt en Maurits. De handelsvloot van Holland en Zeeland had geregeld last van kapers in Duinkerke en Van Oldenbarnevelt besloot het Staatse leger op Duinkerke af te sturen. Maurits was hierop tegen omdat hij het risico veel te groot achtte. Hij schikte zich echter naar Van Oldenbarnevelt en trok op naar Duinkerke, maar op het strand bij Nieuwpoort werd hij opgewacht door een Spaans leger, dat hem de weg terug naar huis afsneed. De daaropvolgende Slag bij Nieuwpoort werd slechts door Maurits' militaire kwaliteiten ternauwernood gewonnen. Maurits trok niet verder naar Duinkerke, maar keerde woedend terug naar de Nederlanden. Met de expeditie naar Duinkerke zou het voortbestaan van de Republiek volgens hem op het spel zijn gezet. Vanaf dat moment kon hij Van Oldenbarnevelt niet meer als zijn mentor zien.

Negen jaar later, in 1609, maakte Van Oldenbarnevelt zich sterk voor een wapenstilstand met de Spanjaarden. De oorlog tegen Spanje kostte de staat handenvol geld en belemmerde de handel. Maurits was tegen een wapenstilstand omdat het Spaanse leger danig verzwakt was en nog altijd tien van de zeventien Nederlanden onder vreemd gezag stonden. Tijdens deze wapenstilstand, die het Twaalfjarig Bestand zou gaan heten, begon de militair Maurits zich noodgedwongen met de politieke zaken bezig te houden, het terrein van Van Oldenbarnevelt. Het gevolg was dat de onenigheid tussen Johan van Oldenbarnevelt en Maurits verder escaleerde.

Prins Maurits pleegde vervolgens op gezag van de Staten-Generaal een soort staatsgreep. Hij ontsloeg de waardgelders en op 29 augustus 1618 liet hij Johan van Oldenbarnevelt, en zijn medestanders Hugo de Groot, Rombout Hogerbeets en Gilles van Leedenberch, arresteren op verdenking van hoogverraad. Een aantal politieke tegenstanders werd ontslagen, zoals Oldenbarnevelts zoon Willem en Jacob Dircksz de Graeff uit Amsterdam. In 1619 werd François van Aerssen door Maurits als Gecommitteerde in de Ridderschap van Holland benoemd. Daardoor ontstond onder de tegenstanders van Van Oldenbarnevelt een meerderheid en werd het mogelijk om een bijzondere politieke rechtbank van 24 rechters in te stellen.

Foto Amstelveen
(Bron Wikipedia - 2019)

Onthoofding van Johan van Oldenbarnevelt in Den Haag op13 mei 1619. Ets van Claes Jansz. Visscher prentkunstenaar, tekenaar en uitgever van prenten


Tot Van Oldenbarnevelts eigen verrassing werd hij op 12 mei 1619 door de rechtbank, onder leiding van Reinier Pauw, wegens hoogverraad ter dood veroordeeld. Hij zou zijn oren naar Frankrijk en Spanje hebben laten hangen. Van Oldenbarnevelt had verwacht dat er, vanwege zijn staat van dienst en hoge leeftijd, protest zou komen van zijn politieke vrienden. Het bleef echter stil; Maurits had in de tussenliggende periode verschillende remonstrantse bestuurders vervangen, en de vervolging van remonstranten was na de Synode van Dordrecht verhevigd, waardoor de aanhangers van Arminius het land verlieten. Het was volgens critici in feite een kangoeroe-rechtbank. Het is een rechtbank die de erkende normen van recht of rechtvaardigheid negeert en vaak weinig of geen officiële status heeft op het grondgebied waarop zij verblijft. De term kan ook van toepassing zijn op een rechtbank die wordt geleid door een legitieme gerechtelijke instantie die opzettelijk de wettelijke of ethische verplichtingen van de rechtbank naast zich neerlegt. De gedaagden in dergelijke rechtbanken wordt vaak de toegang tot vertegenwoordiging in rechte en in sommige gevallen een behoorlijke verdediging ontzegd.

De rechtbank besliste het vonnis op zaterdag 11 mei 1619 en het werd op zondagmiddag aan de oude man voorgelezen. Pogingen om gratie te krijgen, of tenminste een omzetting van het doodvonnis, werden tevergeefs ondernomen door de stiefmoeder van Maurits, Louise de Coligny en de Franse ambassadeur Benjamin Aubery du Maurier. Op maandag 13 mei 1619 en dezelfde ochtend werd de oude staatsman, op 71-jarige leeftijd, op het Binnenhof in Den Haag onthoofd door scherprechter (beul) mr. Hans Pruijm. Tot het publiek sprak hij op het schavot de beroemde woorden: 'Mannen, gelooft niet dat ik een landverrader ben, ik heb oprecht en vroom gehandeld, als een goede patriot, en zo zal ik sterven.' Zijn allerlaatste woorden waren: 'Maak het kort, maak het kort.'

Lang werd aangenomen dat deze woorden aan de scherprechter gericht waren, maar hij zei het waarschijnlijk tegen zijn knecht, Jan Francken, die vlak voor de executie afscheid van hem wilde nemen. Na de executie werden zijn stoffelijke resten in een ruwe kist bijeengebracht. Deze werd bijgezet in een grafkelder onder de Hofkapel aan het Binnenhof. Later kreeg de familie-gelegenheid het lijk over te kisten in een eikenhouten kist. Beweerd wordt dat het lichaam van Oldenbarnevelt door de familie op een andere plaats is herbegraven, maar daar is nooit zekerheid over verkregen.

Van Oldenbarnevelt liet twee zonen na: Reinier van Oldenbarnevelt, Heer van Groeneveld en Willem van Oldenbarnevelt, Heer van Stoutenburg en twee dochters. Een samenzwering tegen het leven van Maurits, waaraan beide zonen van Van Oldenbarnevelt deelnamen, werd in 1623 ontdekt. Stoutenburg, de belangrijkste medeplichtige, ontsnapte en trad in dienst van Spanje; Groeneveld werd geëxecuteerd. In Londen werd 'The Tragedy of Sir John van Olden Barnavelt' een Jacobean toneelstuk van John Fletcher en Philip Massinger, geschreven en geproduceerd binnen een krappe drie maanden na de executie van de hoofdpersoon. Omdat het zowel in de Engelse als in de Nederlandse politiek controversieel was, werd het zwaar gecensureerd voordat het op het podium werd toegelaten. (Bron: Wikipedia)


Lezing: De zaak Van Oldenbarnevelt

Op zaterdag 25 mei 2019 om 13.30 uur organiseert Museum Flehite lezing 'De zaak Oldenbarnevelt'. Spreker is Wilfried Uitterhoeve, auteur van het gelijknamige boek dat onlangs is verschenen en lovende recensies ontving. Wilfried Uitterhoeve (1944) is historicus en publiceerde onlangs De zaak Oldenbarnevelt. Over deze publicatie schreef NRC Handelsblad: 'De reconstructie van Uitterhoeve is nauwgezet. Zeker in dit herdenkingsjaar een aantrekkelijk handzaam relaas, ook vanwege de prachtige illustraties.'

Eerder schreef Uitterhoeve een aantal boeken, waarin de Bataafs-Franse tijd centraal staat: een biografie van Cornelis Kraijenhoff (2009), Koning, keizer, admiraal (2010), 1813 – Haagse bluf (2013) en ‘Een innige vereeniging’ (2015). Tijdens de lezing `De zaak Oldenbarnevelt', loopt Uitterhoeve met zijn gehoor het hele proces tegen Oldenbarnevelt door: de val, de arrestatie, de verhoren, het doodvonnis, de bijna-gratie, de executie. Praktische informatie: Datum: zaterdag 25 mei 2019. Tijd: 13.30 - 14.30 uur

Reserveren: aanmelden via info@museumflehite.nl  is noodzakelijk. Adres: Museum Flehite Westsingel 50 3811 BC Amersfoort. Flehite is het kunsthistorisch museum van de stad Amersfoort. Gevestigd in drie historische panden toont het museum de geschiedenis van de stad en brengt het telkens weer andere tentoonstellingen met (inter)nationale kunst uit de periode van grofweg 1850 tot 1950.




Amstelveenweb.com is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de nieuwsberichten.