Deze verchroomde schaats is mogelijk vlak voor de Hjälmar schaats uitgebracht, dus in de allereerste
Amstelveense periode, mogelijk uit het jaar 1956. De schoen is nog zeer stevig, geheel doorgestikt en zonder
voetholte steun.
Zelfstandig verder
Na het uiteenvallen van het samenwerkingsverband in 1952, waarbij Havekotte de naam ‘Viking’
wilde aangehouden, is Lassche alleen verder gegaan en ontstond in de kleine kelder in Durgerdam echt een
fabriekje. Op de voorgevel van zijn houten huis, waar zijn echtgenote nog steeds woont, heeft Lassche in die tijd
eigenhandig op een groot wit vlak de tekst geschilderd:
‘Schaatsen Fabriek Jac. J. Lassche Tel. K2904 229’. In het midden stond de welbekende
‘Viking’-schaatsenrijder als logo afgebeeld.
(Bert Lassche collectie - 2008)
Schaatsenfabriek te Durgerdam
Eigenaar: Co Lassche
In die tijd kwam Lassche in het bezit van een pers,
een machine met een groot rood vliegwiel, om de buizen, potten en voetplaten te slaan. Deze pers was
aangekocht met geld van Leo van der Kar, die hem sponsorde. Zonder deze machine had Lassche nooit op
grote schaal de kwaliteitsschaatsen kunnen maken. Daarnaast had hij een smidse, polijstmachine, zuur- tin en
chroombad en diverse andere gereedschappen. Zijn echtgenote heeft in die tijd veel schoenen op de schaatsen
geklonken.
Ook de stempels voor de pers die Lassche nodig had om schaatsen in serie te kunnen maken, werden door
hemzelf en zijn broer Frans Lassche, die stempelmaker van beroep was, gemaakt. Frans Lassche heeft later in
eigen beheer nog schaatsen gemaakt, zij het op kleine schaal. Deze waren geklonken met vijf grote nagels door
de schenkel en voorzien van het merk ‘Meteor’, the ideal skate. Ook zijn zwager Theo van Meurs
heeft geholpen bij de productie.
Weggevertjes
Diverse goede schaatsenrijders uit Lassche’s omgeving gaf hij gratis een paar schaatsen, waarmee zij
de wedstrijden moesten afgaan om prijzen in de wacht te slepen. Hierdoor hoopte hij dan weer meer
bekendheid te krijgen. Hun schaatsen werden ook gratis door hem geslepen. Chris Wirsing, Piet Westerneng,
Klaas Jongh-Visser, Piet Bernhard en anderen waren de rijders uit die tijd, waarvan er enkelen nog in leven zijn
en ook de schaatsen uit die periode soms nog bezitten. Lassche heeft ook nog ijshockeyschaatsen gemaakt.
Klaas Bording kon zich de schaatsenfabriek in Durgerdam nog goed herinneren. Hij stond vaak te kijken bij
Lassche die altijd tijd voor hem had en de nodige uitleg gaf over de schaatsen. Klaas Bording was lid van de
Poolster en familie van de Bordings, die veertien dagen op de ijsschots hadden doorgebracht. Hij overleed in
augustus 2006.
Enkele merken die Lassche hanteerde waren oa.: Champion, Triomfator (niet te verwarren met de latere
Triumphator van Nooitgedagt - red.), Hamar zowel als Hjälmar, Oslo en Grudsal. Dat Lassche vindingrijk
was bewees deze laatste naam wel. De eerste vier letters van Durgerdam en de eerste drie van zijn eigen
naam draaide hij om en verbond ze aan elkaar. Zo kreeg hij het anagram GRUD-SAL, de naam deed wat Noors
aan zo vond hij.

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Een GRUDSAL Original HJALMAR Guarantee uit het jaar 1953

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Een ‘Winner’ schaats

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Winnerschaatsen, geheel verchroomd.
Deze schaats uit de Amstelveense periode is verchroomd en nog steeds voorzien van de bekende 'moeten'.
De schaats werd op grote schaal gefabriceerd tot het jaar 1966. Blijkbaar voldeed de oplossing van de 'moeten'
tegen het loskomen van de achterkegel goed aan de verwachtingen.
Amstelveense Schaatsfabriek
Na de schaatsenfabriek in Durgerdam richtte Lassche in 1955 een schaatsenfabriek op in Nieuwer-Amstel, het
huidige Amstelveen. Het was een voormalige boerderij waar vanaf 1950 een plasticfabriek was gevestigd van
J.H.K. Koerts-Meyer. Ook heeft het pand nog gediend als woonhuis voor de fam. F.A. Nieuwendijk. Het lag
vlak achter het station Amstelveen en was bereikbaar via het kerkplein, maar ook via een steeg dat de bijnaam
had ‘de Prentensteeg’, aan de Dorpsstraat nr. 62. Lassche had het pand niet in eigendom, maar
huurde het van dhr Burggraaf, die er pal naast woonde. Toen de verbouwing klaar was en de fabricage van
schaatsen op gang was gekomen, werd deze al snel opgevoerd en in 1957 maakte Lassche als enige
werknemer 100 paar Hjälmar schaatsen per week! Daarnaast experimenteerde hij nog met de fabricage
van bestuurbare en opvouwbare sleetjes.
Jan van Wiltenburg was naaste medewerker van Lassche bij de productie van schaatsen in de jaren 1960 tot
1966. Hij woont nu in Marrum te Friesland en is nog steeds schaatsenmaker, maar nu voor Zandstra. Toen van
Wiltenburg eind 1960 bij Lassche in dienst kwam, had Lassche reeds drie man in dienst, waarvan twee uit
Haarlem, om het vele polijstwerk te verrichten. De fabriek was toen ook al in bezit van hyper modern
chroom-apparatuur. Dit moderne chroom bad was geleverd door de fa. Plating & Plastics Pop in Oisterwijk.
Er werden zuurstofbelletjes onder in het bad geblazen en tegen het vrijkomen van de dampen dreven er
balletjes bovenop de vloeistof. Dat het vernikkelen en verchromen met veel spoelwerk gepaard ging, blijkt wel
uit de 17 spoelbakken, die in de werkplaats waren opgesteld. De zaken gingen zo goed, dat er naast de reeds
aanwezige pers o.a. nog twee nieuwe persen en een puntlasapparaat werden aangeschaft.
Extra chroom en messing werk
In die periode werd, naast het produceren van schaatsen, ook heel veel ander werk verricht, waaronder veel
chroomwerk voor diverse bedrijven. Voor o.a. het bedrijf ‘van Gogh’ te Amsterdam Sloterdijk werd
medisch apparatuur verchroomd en veel bouten en moeren. Ander chroomwerk bestond uit auto onderdelen
van onder andere ‘Old-Timers’ zoals, koplampranden, bumpers, spiegels beugels,
bagagerekken en buitenspiegels van vrachtwagens voor de fa. ‘Metron’ in Abcoude. Ook
machineonderdelen, Franse tafels en stoeltjes en niet te vergeten de exclusieve, verchroomde, in pilaar
verwerkte vogelkooitjes voor de kapperszaken van ‘Wellaform’ behoorden tot het uitgebreide
werkpakket.
Handwielen van frees- en draaibanken werden vernikkeld voor iemand, die deze machines reviseerde. Er
werden ook producten, zoals drinkglashouders, bijzettafeltjes met formicablad, krantenbakjes, draadmandjes,
brievenstandaards en rekjes voor onderzetters, vermessingd voor bv. de draadfabriek ‘Dravo’ in
Maarssen of Maarssenbroek. Sommige van deze producten werden ook geheel in eigen beheer gemaakt.
Begin 1961 werd het schaatsen maken weer als het belangrijkste onderdeel gezien en kreeg dan ook alle
prioriteit. Van Wiltenburg heeft in het begin veel werk verzet met het vermaken van de stempels. Deze waren te
degelijk en te zwaar en werden nu lichter uitgevoerd, om zo de productie sneller te laten verlopen. In een goed
jaar zoals met de strenge winter van 1963 werden er maar liefst 20.000 tot 30.000 paar schaatsen afgeleverd en
had Lassche toen de reeds 20 man personeel, zeer hard nodig. Het waren echter wel ‘kale’
schaatsen dus zonder de schoenen. Enkele bekende werknemers van Lassche uit die tijd waren naast Jan van
Wiltenburg onder andere Jan Roos, Arie Zeck, Jabco Verbrugge, Wessel Cirkel, Joop van den Heuvel en Gerrit
Dannenberg.
Losse kegels
Er werd constant gezocht naar verandering en verbetering in de schaatsenmakers wereld en nu kon het wel
eens voorkomen, dat een kegelbevestiging in de voetplaat los ging. Bij de voorkegels was dit wel vaker gebeurd,
toen deze in het begin door de voetplaat heen gemonteerd werden. Later is de kegel aan de onderzijde met de
flens tegen de voetplaat aan gemonteerd. Dit was veel minder mooi, maar wel een stuk sterker. Bij de
achterkegels kwam dit probleem echter veel minder voor, door hun minder conische vorm en de schuine stand
door de voetplaat. Deze kegels worden nu nog altijd door de voetplaat heen gemonteerd en om toch dit
eventuele ‘doorzakken’ te voorkomen. Jan Roos uit Amstelveen stelde voor om bovenaan
in de zijkanten van de achterkegels van binnenuit twee kleine driehoekige indruksels of ‘moeten’
te slaan. Wanneer men dan de kegels door de voetplaten heen drukte, klikten deze als het ware vast in de
voetplaat, zodat ze niet meer terug konden. Ook werd de geringe flens van de voetplaat ter hoogte van de
‘moeten’ van buitenaf enigszins ingedrukt. Daarbij werden de kegels in de voetplaten nog
gepuntlast en niet meer gesoldeerd. Volgens van Wiltenburg werd dit niet op grote schaal toegepast, maar was
het een éénmalig gebeuren.

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Schaats met inscriptie 'NSA Akkrum'op de voetplaat
Nijdam Schaatsenfabriek Akkrum

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
NSA Akkrum op de voetplaat van een schaats
De eerste uitvoering is gemaakt door Lassche en de tweede met de tekst op de kegel is gemaakt door Nijdam Schaatsenfabriek Akkrum zelf, met overgenomen stempels van Lassche

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Deze schaats is niet van Lassche, maar van
N.V. fa. G.S. Ruiter te Akkrum

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
N.V. fa. G.S. Ruiter te Akkrum

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Een schaats van de firma Ruiter uit Akkrum, met de originele doos
Ook de Friezen kwamen tenslotte over de brug en gingen stalen ‘Noren’ maken. De Ruiter is
daarmee begonnen in de tweede helft jaren 1960. Verschillen zijn er duidelijke te zien, deze zijn wat grof
gemaakt, de achterste kegel staat niet sierlijk schuin achterover, maar rechtop. Ook de voorste voetplaat lijkt wat
bol uitgevoerd te zijn voor de stevigheid, maar het maakt het geheel wat ongelijk. De schoenen zijn van
schoenfabrikant
‘Quick’. Lassche heeft ook wel schoenen van deze fabrikant gekocht met
name in de strenge winter van 1963, toen nergens meer schaatsschoenen te koop waren. Quick maakte toen
geen schaatsschoenen, maar wel voetbalschoenen, waar Lassche dan vervolgens de noppen onderuit haalde.
Na de strenge winter heeft Quick zich ook toegelegd om schaatsschoenen te gaan maken
600 schaatsstalen per rol
Uit één rol staal haalde men in die tijd 600 schaatsstalen, maar tegenwoordig wordt een betere
kwaliteit staal gebruikt. Ook al stond de schaatsproductie boven aan de lijst, daarnaast bleef men toch ook nog
ander werk aannemen en produceren. Er werden bijvoorbeeld ook nog opvouwbare metalen sleeën
gemaakt al of niet bestuurbaar en metalen lampenkappen, waar Jan Roos de uitslagen voor heeft
gemaakt.
Verreweg de meeste schaatsen zijn vernikkeld
Het verchromen van schaatsen voldeed aan de verwachtingen. Schaatsen werden en worden nog steeds
gegalvaniseerd, vertind, vernikkeld of verchroomd, maar hoe is het verschil te zien? Een vernikkelde schaats is
te herkennen aan de goud / gele gloed van de nikkel. Nikkel is echter zeer poreus. Een verchroomde schaats is
te herkennen aan de blauwachtige gloed en is duurder, omdat chromen gebeurt na het vernikkelen, dus de
schaats ondergaat dan nog een extra behandeling.
‘Hjälmar’schaats
De prijs van de schaats werd aanmerkelijk lager als er een order van bijvoorbeeld 10.000 paar werd geplaatst.
De Hjälmar schaatsen werden verkocht tussen de ƒ 22,- en ƒ 24,-, maar dan wel exclusief
schoen en in een order van minimaal 10.000 paar. ‘Roveco’ was hiervan een bekende afnemer.
(dir. was de hr. Vial.) Als particulier moest men heel wat meer betalen voor de Hjälmar schaats, maar dan
wel met een schoen.

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
De HJ’A’LMAR LENGDELØP SKØYTER ØRIGINAL
QUARANTEED
Dat de ‘Hjälmar’ schaats een goede schaats was, blijkt uit het feit dat hij vandaag de dag
nog na zoveel jaar op diverse plaatsen opduikt en dat men er nog steeds op rijdt.

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
De Amstelveense Hjälmar schaatsen

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Hjälmar schaats met witte schoen

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Originele doos van de Hjälmar schaats
Hjälmar Andersen was een bekende Noorse schaatser. ‘Lengdeløp Skøyter
betekent: Lange afstandschaats en werd veel verkocht aan Roveco te A’dam. Ook als Sprintschaatsen
waren deze zeer geschikt, want ze waren ook sterk uitgevoerd.
De schaatsenfabriek in Amstelveen draaide nog maar net, toen het Amstelveensch / Ouderkerksch Weekblad
van 6 december 1957 de aandacht trok met de koppen:
De Amstelveensche Hjälmarschaats flitst over het ijs
De heer Lassche levert honderd paar per week af
Nieuw bedrijf in oude boerderij
Lees dit artikel in het
Amstelveensch
Weekblad 6 december 1957
Lassche sloeg in zijn Amstelveense periode zeker 10 merken op zijn schaatsen, maar hij maakte ook
schaatsen zonder merk, waarbij iedere koper zijn eigen merk erop kon plakken of kon inslaan.
In de jaren 1960 – 1966 heeft Lassche ook heel veel schaatsen gemaakt voor andere bekende
schaatsenmakers, zoals b.v.
‘Nijdam Schaatsenfabriek Akkrum’.
Later heeft hij zijn oude stempels aan Nijdam verkocht, die toen zelf deze schaatsen ging maken. Het zijn
natuurlijk exact de schaatsen van Lassche, alleen wanneer Lassche ze maakte, zette hij de naam NSA Akkrum
op de voetplaat, zoals hier te zien is. Wanneer Nijdam deze schaatsen later zelf ging maken, zette deze zijn
naam op de kegel
Diverse schaatsmerken
Hier volgen nog enkele andere schaatsmerken, die Lassche hanteerde in de Amstelveense periode.
- Hjälmar voor ‘Roveco’ te Amsterdam (Hjälmar Andersen was een Noorse
schaatsenrijder).
- Super PB, deze schaats ging naar de Friese Schaatsenfabriek (F.S.F.) te Heerenveen. (Pier Bos).
- Hamar, deze schaatsen werden vaak verzinkt of vertind, doch ook wel vernikkeld.
- Merkloos.
- Oslo, deze schaats was hoogst waarschijnlijk voor V&D.
- NSA voor de schaatsenfabriek Nijdam in Akkrum (klein opschrift in hoek op de voetplaat). Indien opschrift
op de kegel: dan gemaakt door Nijdam zelf, met ingekochte oude stempels van J. Havekotte, afkomstig van mijn
vader Co Lassche.
- Model Lassche, opschrift ‘model Lassche’ als handschrift aangebracht.
- the Winner, waarschijnlijk voor de fa. Reesink in Halfweg. (deze duurdere ‘Winner’ was
verchroomd en op grote schaal gefabriceerd tot het jaar 1966).

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
De ‘Oslo’ schaats is een oud product van Lassche

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
‘Oslo’
Voor wat betreft de ‘Oslo’ scaahts het volgende. Het is een oud product van Lassche en uniek.
Er is geen tweede paar gemaakt met de letters H.M.R. erbij vermeld. De betekenis daarvan is
‘HAMAR’, maar dan zonder de klinkers. Kenmerkend zijn ook de enorm grote klinknagels,
waarmee de schoenen zijn vastgeklonken.

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Bosma Watersport sticker op de schaats

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
‘Hjälmar’ schaats zonder schoen
Zoals vermeld werden ook zeer veel schaatsen merkloos verkocht en bij grote afname kreeg men dan korting.
Wel moest de afnemer dan zelf de schoen er op laten zetten en kon hij zijn eigen naam eraan toevoegen, zoals
de stikker laat zien.
In de jaren 1960 – 1966 heeft men ook veel geëxperimenteerd o.a. mede door de toenmalige
voorman van Wiltenburg. Hij kwam met het idee om inslagen ‘moeten’ te maken in de achterste kegel, zodat de voetplaat daar dan op werd vast geklikt.

(Bert Lassche - 2008)
Heya Racer uit Amstelveen. Deze schaats is gemaakt door de voorman/opvolger van Co Lassche; Jan van Wiltenburg in omstreeks 1966/1967

(Bert Lassche - 2008)
Het ingeslagen logo op de Heya Racer. V.W. betekent 'van Wiltenburg'. Jan van Wiltenburg is met het ontwerp verder gegaan en woont nu in Marrum in Friesland. Hij is fabrikant voor Zandstra Sport in Joure
Sluiting van de schaatsfabriek
Wegens een tragisch ongeval waarbij Co Lassche op 17 april 1966 overleed, moest de fabriek sluiten. Co
Lassche werd slechts 46 jaar oud. Na de fabriekssluiting heeft van Wiltenburg enkele tientallen rollen staal en
ander materiaal opgekocht om de schaatsproductie in eigen beheer voort te zetten. Hij begon eerst voor zichzelf
in Ouderkerk a/d Amstel en verhuisde later naar Friesland, waar hij nu een moderne machinefabriek
heeft.

(Bert Lassche - 2008)
De voormalige schaatsenfabriek in 1980
Materiaal
Kopieën van de toen benodigde hinderwetvergunningen, plattegronden van de locatie als ook de indeling
van de fabriek zelf, zijn aan de zoon van Lassche, Bert Lassche ter hand gesteld door de hr J. L. v Velzen uit
Amstelveen. Van Velzen heeft heel veel zoekwerk voor Bert Lassche verricht. Ook een foto van de fabriek,
genomen rond 1980, werd hem door een inwoner uit Amstelveen geschonken. Een oud-medewerker van het
Amstelveens Weekblad de heer K. Prent uit Amstelveen is in het weekblad archief gedoken om oude gegevens
naar boven te halen. Diverse schaatsen en andere materialen heeft Bert Lassche van verschillende gulle gevers
ontvangen voor zijn verzameling. Jan v. Wiltenburg was zijn grootste en belangrijkste bron met betrekking tot
gegevens over het reilen en zeilen van de Amstelveense schaatsfabriek van Co Lassche.
Amstelveenweb bedankt Bert Lassche heel hartelijk voor het beschikbaar stellen van al deze informatie voor
de website.
Mocht u contact met hem willen leggen dan kan dat via Amstelveenweb.com, rubriek Contact.
Bert Lassche, zoon van Co Lassche,
grondlegger van de Vikingschaats

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Bert Lassche in zijn werkplaats te Schellingwoude, waar hij al tientallen jaren schaatsen slijpt, repareert en
verkoopt. Toen hij 8 jaar oud was, sleep hij al zijn eigen schaatsen en die van zijn vriendjes. Nu beleeft hij met
zijn vrouw Willy, ook veel plezier aan het ‘Schoonrijden’, een aparte sectie van de KNSB en die
steeds meer aandacht begint te krijgen bij het publiek

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Bert Lassche in zijn werkplaats

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Met deze machine is het mogelijk om de exacte rondingen in de schaatsen aan te brengen

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Daarna vindt Bert het belangrijk om de schaatsen licht met de hand aan een heel fijne, horizontaal draaiende
steen na te slijpen, wat het resultaat beslist ten goede komt

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Enkele schaatsen uit voorraad, klaar voor gebruik

(Amstelveenweb.com collectie - 2008)
Deze bijzondere houten schaatsen, waaronder een Breinermoorschaats (linkerhand) zijn weer de nieuwe aanwinst voor
Bert's verzameling. Hij is lid van de verzamelclub ‘De Poolster’, waar men alles verzamelt wat met
winter te maken heeft