Bijgewerkt: 22 mei 2019

Volgens het RIVM is sporten op rubbergranulaat veilig

Nieuws -> Gezondheid

Bron: RIVM
20-12-2016

Uit onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) blijkt, dat sporten op kunstgrasvelden die zijn ingestrooid met rubbergranulaat verantwoord is. In rubbergranulaat zitten heel veel verschillende stoffen, maar deze komen slechts in zeer lage hoeveelheden uit de korrels vrij. Dat komt, doordat de stoffen min, of meer in het granulaat zijn ‘opgesloten’. Hierdoor is het schadelijke effect op de gezondheid praktisch verwaarloosbaar.

Sporten op velden met rubbergranulaat. In rubbergranulaat zijn veel verschillende stoffen gemeten, zoals polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s), metalen, ftalaten (weekmakers) en bisfenol A (BPA). Er is weinig variatie in de concentraties stoffen tussen de velden en tussen de meetpunten per veld. Daarmee geven de resultaten een goed beeld voor alle velden met Styrene-Butadiene Rubber (SBR) rubbergranulaat in Nederland.

Foto Amstelveen
(Foto Amstelveenweb.com - 2016)

Het RIVM adviseert om de norm voor rubbergranulaat bij te stellen naar een norm die dichter in de buurt ligt van de norm voor consumentenproducten


Geen verband met leukemie. In de beschikbare wetenschappelijke informatie zijn geen signalen aangetroffen die duiden op een verband tussen sporten op kunstgras met rubbergranulaat en het ontstaan van leukemie en lymfeklierkanker. Uit de samenstelling van de rubberkorrels blijkt, dat de chemische stoffen die leukemie, of lymfeklierkanker kunnen veroorzaken er niet (benzeen en 1,3-butadieen), of in heel lage hoeveelheid (2-mercaptobenzothiazol) in zitten. In het algemeen is er sinds eind jaren 1980 een lichte stijging te zien in het aantal mensen tussen 10 en 29 jaar, dat leukemie krijgt. Deze ontwikkeling is niet veranderd sinds de kunstgrasvelden in 2001 in Nederland in gebruik zijn genomen.

Advies om norm aan te passen. Het RIVM adviseert om de norm voor rubbergranulaat bij te stellen naar een norm die dichter in de buurt ligt van de norm voor consumentenproducten. Rubbergranulaat moet momenteel voldoen aan de norm voor zogenoemde mengsels. De norm voor consumentenproducten is aanzienlijk strenger: deze staat veel lagere (100 tot 1000 maal minder) gehalten aan PAK’s toe dan de mengselnorm. Het gehalte PAK’s van het onderzochte rubbergranulaat ligt iets boven de norm voor consumentenproducten. Momenteel doet het Europese Agentschap voor Chemische Stoffen (ECHA) onderzoek om te bezien welke norm voor rubbergranulaat wenselijk is. Het RIVM heeft de afgelopen periode ook een onderzoek afgerond naar de consumentennorm voor rubberen valdempingtegels. De resultaten van dit onderzoek worden in de loop van de dag (20 december 2016) gepubliceerd. Lees ook:

Veelgestelde vragen rubbergranulaat

SBR?

SBR is een vervanging voor natuurlijk rubber. Het werd oorspronkelijk ontwikkeld voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog in Duitsland door scheikundige Walter Bock. De industriële productie begon tijdens de Tweede Wereldoorlog en werd intensief gebruikt door het Amerikaanse Synthetic Rubber Program om Rubber-Styreen (GR-S) te produceren; de Zuidoost-Aziatische aanbod van natuurlijke rubber, die onder Japanse bezetting was, niet beschikbaar voor de geallieerde naties.



Amstelveenweb.com is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de nieuwsberichten.